Hij sluit zijn ogen.
Ik kan zien dat hij moe is.
En met zijn ogen dicht zegt hij,
"Kent u dat lied 'Gij zijt in glans verschenen...'?
Nou, zoiets."
top
Hoor je ons kleine Lars?
Hoor je hoe we proberen mooi te maken wat hartverscheurend is?
Acht maanden ben je nu.
Wie bedacht er dat zoveel in jouw lijfje onaf zou zijn?
En wie gaf jou die prachtige wijze oogjes?
Wie helpt jou om toch te blijven ademen?
En wie doet jou soms even zo glimlachen
door al die benauwdheid heen?
Hoor, we zingen voor je.
De bloempjes gingen slapen,
zij waren treurensmoe
zij knikten met hun kopjes
jou welterusten toe...
We willen zo graag dat je nog even blijft.
En we willen zo graag dat je geen pijn meer hebt.
Je mag gaan kleine man.
En als je gaat
zullen we je meegeven aan de grote stroom.
En je zult veilig zijn, want je mandje zal drijven.
En jou wiegen, als je op weg bent naar het licht.
En aan het eind van de regenboog
zal de Prinses je vinden.
top
Ik loop de kamer in en zie mevrouw van Ommeren, glunderend en met vochtig haar, in bed zitten.
Haar man, net zo glunderend, zit naast haar en houdt haar hand vast.
De andere drie patiënten kijken het aan en ook zij glimlachen naar me.
"Ruikt lekker hè?"
Ik moet even wennen aan wat ik zie.
Mevrouw van Ommeren ligt hier al een paar weken.
Een stille vrouw met een haast nog stillere man.
Twee keer per dag is hij bij haar.
En dan zwijgen ze samen in een vreemde harmonie.
Eergisteren hebben ze gehoord dat de behandelmogelijkheden zijn uitgeput.
Een paar weken nog misschien.
Ze hebben gehuild.
Ze kreeg een kamer alleen aangeboden, maar wilde dat niet.
"Ik ben al stil genoeg van mezelf", zei ze.
Vandaag is hij gekomen met een klein flesje in zijn hand.
Kamperfoelie-olie.
En hij heeft het uitgegoten over haar hoofd.
Om haar te eren.
"Kent u dat verhaal van Marcus?" vraagt hij. Ik knik.
"Jezus werd voor zijn dood gezalfd door een onbekende vrouw" zegt hij dan.
"Mijn vrouw door haar man".
top
Perziken
Eén ringetje in zijn linker-, twee in zijn rechteroor.
Veertien is hij en z'n veters zijn los.
En als het regent krult het kleine staartje in zijn nek.
Elke morgen, in de pauze van zijn school,
komt hij de draaideur door.
Rent treden overslaand de trap op.
Naar de vierde verdieping, tweede kamer rechts.
Ze kennen hem al op de afdeling.
Leven mee als hij moet spelen.
Juichen als "De Trappers" winnen en troosten zijn opa
na een verloren wedstrijd.
De oude man ziet hem binnenkomen.
Zijn linkeroog glimlacht.
Zijn linkerhand gaat iets omhoog
van de leuning van de rolstoel.
"Ik heb wat voor je gebietst, opa", zegt de jongen
en pakt een bakje kwark met perziken uit z'n rugzak.
In de keuken haalt hij een lepeltje
en voorzichtig voert hij de oude man.
Die zich toch verslikt. En hoest.
"Geen paniek, stel je niet aan, ik help je, opa!"
En met een papieren zakdoekje
haalt hij de mond van de oude man leeg.
"Stomme perziken".
Even gaat zijn hand langs de gerimpelde linkerwang.
Dan is hij weg.
De pauze is bijna om.
top
Tussen je oren
Hebt u weleens kanker tussen uw oren gehad?
Nou ik wel..., zeiden ze...
Hebt u even?
Ik lig hier nu drie weken en na het weekend mag ik naar huis.
Om dood te gaan ja.
Ze kunnen niets meer voor me doen, zoals dat tegenwoordig heet.
Prima geregeld hoor, thuis.
De thuiszorg zit met wachtlijsten, maar op de een of andere manier hebben ze voor mij toch iemand kunnen vinden.
Daarover heb ik geen klagen.
Maar verder...
Ik had buikpijn. En eerst denk je 'dat gaat wel weer over'.
Maar het bleef maar zeuren, nee, het werd eigenlijk gewoon erger.
Huisarts kon niks vinden. Specialist ook niet.
Nou, dan ga je je al behoorlijk ongemakkelijk voelen.
Aardige man, die dokter. Dat wel.
Heel meelevend ook. Ik heb vorig jaar mijn man verloren.
Rotziekte. Die ja.
Toen ze ook in het ziekenhuis niks konden vinden zei die dokter:
"Ik denk mevrouw van Dam", zei hij, "ik denk dat het zielepijn is.
U hebt zoveel meegemaakt..."
Ik vond dat mooi gezegd van hem.
Klinkt toch anders dan tussen je oren.
Maar ik had nog steeds buikpijn.
En het werd nog steeds erger.
En toen ik niet meer wist waar ik het zoeken moest, hebben ze me weer onderzocht.
Kanker.
Toen de chemo.
Uitstel ja. Maar dat had ik ook nodig.
Doe het maar eens.
Wen er maar eens aan dat je dood gaat. Ik ben 61.
Nu weet ik het. Het is zoals het is.
Een paar maanden nog misschien.
En ik probeer te genieten van de dagen die er nog zijn.
En van de mensen.
Sommigen zijn zo lief en zo zorgzaam.
Maar er zijn er een paar, die hoef ik nooit meer te zien.
Kent u die types?
"Mensen kiezen hun eigen levensweg uit...,
er is een reden dat je juist voor dit leven en deze ziekte gekozen hebt..."
Of, nog erger, "Je was altijd zo'n binnenvetter, ergens zet zich dat vast..."
Heb ik net dat belazerde schuld- en boeteverhaal en die straffende god achter me gelaten, is het weer langs een andere weg m'n eigen schuld...
Weet u wat het is?
De mensen willen altijd een reden.
Als het een reden heeft dan kunnen ze ermee omgaan.
Ik eigenlijk ook. Want wat is er nou nog te zeggen?
Maar ik weet nu dat er geen reden is.
Het is zoals het is. En dat moet ik aanvaarden.
Ik heb geen keus.
Ik ga naar huis.
Ik hoop dat ik nog één keer een herfstmorgen zal zien.
Zo'n spinneweb.
Die glanzende dauwdraden.
Zomaar.
top
Ademhalen
Smaakt die koffie ja u proeft het wel hè er zit buisman in dat deed. M'n moeder vroeger ook al en een klein beetje zout al snap ik niet dat ze dat niet meteen. In die pakken kunnen doen o u hebt zelf van die zoetdingetjes bij u ja die heb ik niet hoor ik heb van m'n. Leven nog nooit aan de lijn gedaan en dat zal ik niet doen ook wat een onzin dus u had even tijd om bij. Mij langs te komen ja u was al bij de Boumannetjes en bij juffrouw de Ruyter hoewel dat was niet echt nodig hoor die krijgt zoveel bezoek mijn kringetje is een. Stuk kleiner maar dat geeft niet hoor u hebt het ook druk en er zijn natuurlijk zoveel mensen waar u heen moet al denk ik vaak ik snap. Niet wat ze daar nou te zoeken heeft maar dat zult u zelf wel het beste weten hè en ik ben niet zo'n type dat zeurt ik heb genoeg meegemaakt hoor meer dan de. Mensen aan me zien want ja ik ben altijd vrolijk en opgewekt en hoe de binnenkant eruit ziet dat hoeft een ander niet te weten zeg ik altijd maar u zult wel. Denken wat praat ze toch snel maar weet u ik heb geleerd dat als je even een pauze laat vallen dat een ander daar dan. Meteen inspringt en voor je 't weet ben je heel je eigen verhaal kwijt en zit je naar een ander te luisteren en dat heb ik in m'n leven. Al genoeg gedaan weet u hoe ik dat doe meestal halen mensen adem aan het eind van een zin en dat doe ik niet ik haal pas adem in. De volgende zin daar rekenen mensen niet op en dan hebben ze hun woordje nog niet klaar moet u maar. Eens proberen het is niet zo moeilijk hoor en dan kun je tenminste eindelijk eens uitpraten ik heb toch zo'n hekel aan mensen. Die je de hele tijd in de rede vallen en dan hebben ze weer een broer of een tante die hetzelfde heeft meegemaakt maar dan natuurlijk veel erger hè dat begrijpt u wel dat had ik laatst. Nog dat ik tegen een kennis zei dat ik nu helemaal niet meer buiten kom omdat m'n knieën niet meer willen en ik lette even niet op en ja hoor zij. Ertussen met een ellenlang verhaal over de neef van een vriendin van de buurvrouw van d'r moeder die met opslotte knieën of hoe. Heet dat in een rolstoel terecht kwam en u weet hoe ik ben ik onderbrak. Haar natuurlijk niet als je ergens zelf een hekel aan hebt moet je het natuurlijk een ander ook niet aandoen ja leer mij de mensen. Kennen maar ik kon het wel schudden zo zeggen ze dat toch tegenwoordig ja ik ga wel met m'n tijd mee ik kon het. Wel schudden met wat ik had willen vertellen maar ik klaag niet hoor want voor je 't weet zie je. Niemand meer en zit je alleen en ik ben een opgewekt mens dat hebt u wel gemerkt zag u. Laatst op de televisie dat programma van de Avro was het dacht ik waar ze zeiden dat mensen steeds. Minder bereid zijn om iets voor een ander te doen ze krijgen ook bijna geen nieuwe vrijwilligers meer om mee. Te gaan op zo'n boot van de Zonnebloem of zo en toen moesten ze zieke mensen die zich daar maanden op verheugd hadden afbellen nee hoor ik was. Daar niet bij dat is voor mensen die het nodig hebben die gaan voor vind ik lastig hè die lange. Mouwen dan kun je niet onopvallend op je horloge kijken ik zag het wel hoor maar maakt u zich maar geen zorgen ik hou. De klok wel in de gaten u hebt nog zes minuten want u hebt natuurlijk ook. Precies een gulden in die parkeermeter gedaan ja ik zie het al u mag doorgeleerd hebben voor aandacht voor mensen die het moeilijk. Hebben maar u bent net zo als die anderen waar gaat zo'n studie eigenlijk over maar ik zei al ik ken de mensen alsof. Zo'n parkeermeter gaat spugen als je er twee kwartjes meer in doet maar evengoed pak uw jas nu maar evengoed waardeer. Ik het dat u gekomen bent want ook al zie ik er niet zielig uit alleen is. Maar alleen en ik ben altijd met weinig tevreden geweest maar 't is voor. U natuurlijk ook niet eenvoudig om nee te zeggen tegen. Al die mensen die maar niet willen. Begrijpen dat u niet overal tegelijk. Kan zijn nou gaat u maar gauw u hebt nog. Twee minuten maar uw gedachten zijn. Allang buiten ja denk niet dat ik 't niet zie maar. 't Geeft niet. Hoor.
top